Vlekkenwijzer
Vul het middel in waarmee je de vlek gemaakt hebt en met één druk op de knop lossen wij het voor je op.
| |
|
| |
WAT JE EERST MOET WETEN Lees altijd eerst de gebruiksaanwijzing of het wasetiket voor je aan een schoonmaakklus begint. · Behandel vlekken zo spoedig mogelijk Gebruik om natte vlekken te absorberen: keukenpapier, koffiefilters, watten, spons, babyluiers, inlegkruisjes, badstof, kattenbakkorrels, waspoeder, zout, talkpoeder, maïszetmeel, zand. · Droge vlekken schraap je zoveel mogelijk af met bv. de stompe kant van een mes. Gebruik voor alle onderhoudsklussen eerst zachte reinigingsproducten zoals: kalkvrij water, spuitwater, zachte zeep, soda, azijn, citroen, zout, afwasmiddel, het schuim van een wolwasmiddel, stoom, mist, sneeuw, een vlakgom, tandpasta of tabletten om kunstgebitten mee te reinigen. · Vochtige oude panty’s of microvezeldoekjes zijn heel geschikt om harde materialen (glas, keukenkastjes enz.) zelfs zonder schoonmaakmiddel schoon te maken. · Gebruik altijd ongekleurde, niet pluizende, zachte (katoenen) poetsdoeken. Oude lakens, kussenslopen, overhemden, keukendoeken en tetraluiers zijn zeer geschikt. Gebruik geen papieren tissues of toiletpapier, want die laten witte restjes papier achter. · Als je oplosmiddelen moet gebruiken, moet je ervoor zorgen dat je dit altijd in een ruimte doet die goed geventileerd kan worden, of nog beter: doe het buiten. Zorg ervoor dat geen enkel vuur in de buurt is, dus ook niet de vlam van een fornuis of een geiser. Zet elektrische apparaten (wasemkap, strijkbout) af. Houd er rekening mee dat zelfs je kleren (en ook je huid) vluchtige stoffen opnemen. Schilders die veel met dit soort producten werken weten dat ze niet zomaar een sigaret op mogen steken, er is wel degelijk kans dat hun kleding spontaan vlam vat! · Probeer een oplosmiddel altijd eerst op een weinig zichtbare plek, zodat je weet hoe het materiaal reageert. Leg altijd een stuk absorberend papier (keukenrol) of een oude handdoek onder de vlek zodat de vlek én het oplosmiddel opgenomen kunnen worden. Vernieuw regelmatig het papier. Bescherm ook het materiaal onder de vlek. (vloer, kast enz.) · Ether is zwaarder dan lucht, de dampen zakken dus naar de grond en een geopend bovenraam zal de dampen niet afvoeren. Zorg dat er geen huisdieren (en natuurlijk geldt dit ook voor kleine kinderen) in de buurt zijn, zij zouden bevangen kunnen raken van de dampen laag bij de grond. · Gebruik geen plastic voorwerpen als je met oplosmiddelen werkt. · Bij alle oplosmiddelen geldt: neutraliseer de stof of het materiaal altijd met water. Oplos- en schoonmaakmiddelen die in de stof achterblijven kunnen altijd nawerken en dan meer kwaad dan goed doen. · Vlekken in dunne stof, behandel je gewoon vanaf de buitenkant van het kledingstuk, bij dikke stoffen werk je vanaf de binnenkant van de stof. Met een kopspeld markeer je de plaats waar de vlek zit. Span de stof over een afwasteiltje en druppel voorzichtig water op de stof. De vlek spoelt meteen weg, zonder eerst dieper in de stof te moeten doordringen. · Gebruik altijd zo weinig mogelijk vloeistof, liever een paar keer een druppel (een druppelteller is hiervoor heel geschikt) dan een grote geut in één keer. · Poetsdoeken met nog niet verdampte oplosmiddelen bewaar je in een goed afgesloten blik zodat je ze de volgende dag weer kunt gebruiken. Als je de poetsdoek niet meer nodig hebt, laat je de doek buiten volledig uitdampen voor je hem weggooit. Gooi ze nooit in een bak waar al oude batterijen of staalwol in liggen! · Laat het ene oplosmiddel volledig verdampen voor je een ander probeert. · Soms wordt er geadviseerd een oplosmiddel te verwarmen. Doe dit nooit op een open vuur maar altijd 'au bain-marie' in een glazen schaal heet water. · Oplosmiddelen werken langer door als ze de kans krijgen minder snel te verdampen. Als iets lang moet doorwerken dek je de plek af met papier én plasticfolie. · Wol en zijde (= dierlijke vezels) mag je nooit met soda of een biologisch inweekmiddel met enzymen (type Biotex of Ecover hoofdwasmiddel, of Ecover ontvlekker) behandelen. Wat goed is voor ons haar is ook goed voor de wol van een schaap. Gebruik dus gerust shampoo om een wollen trui te wassen. · Kunstzijde (tri-acetaat), kreukvrije katoen, viscose en PVC nooit met aceton, thinner of sterke alcohol (meer dan 50%) behandelen. · Marmer of andere kalkhoudende steensoorten nooit met azijn, citroen, of andere zuren behandelen. · Bleekwater (chloor, javel) nooit mengen met ammoniak, glycerine, zuren of ether. · Brandspiritus alleen op donkere stoffen gebruiken. Op lichte stoffen liever kleurloze alcohol (mag in geval van nood ook wodka of jenever zijn) gebruiken. · Wees altijd voorzichtig als je schuurmiddelen gebruikt. De groene schuursponsjes die in vrijwel elk huishouden te vinden zijn maken lelijke krassen op glas, plastic, roestvrijstaal, chroom enz. Gebruik ze uitsluitend voor de onderkant van potten en pannen. Gebruik voor alle andere schoonmaakklussen enkel nylon schuursponsjes. · Staalwol (000 is te vergelijken met schuurpapier 240) kan je gebruiken om bijvoorbeeld vetvlekken en roestvlekken van tegels te schuren. Gebruik staalwol niet voor hout. De draadjes die in de nerven van het hout terechtkomen kunnen op den duur roestvlekjes geven. Scheur staalwol nooit, maar knip het in kleine stukjes. · Een vloeibaar schuurmiddel is minder agressief dan een schuurpoeder. · Gebruik nooit méér schoonmaakmiddel dan geadviseerd wordt. Iets langer laten inwerken werkt beter dan meer schoonmaakproduct gebruiken. · Een zemenlap, microvezeldoekje en een vlakgom zijn veilige poetsmiddelen. · Hele fijne schuurmiddelen zijn: tandpasta en houtas. · Geen polijstmiddel in huis? Meng talkpoeder met spiritus. · Gebruik voor schoonmaakklussen altijd kalkvrij (regen) water. Veilige schuurmiddelen zijn: as, tandpasta, metaalpoets, autopolish. Ontgeurders zijn: azijn, lavendel, gemalen koffie, koffiedik, eau de cologne, natriumbicarbonaat, actieve kool, proppen vochtig krantenpapier, biologisch inweekmiddel met enzymen, aanstekervlam, vochtig zand en lucifers (wc!).Ecodor-producten (www.ecodor.be) Probeer schoonmaakmiddelen eerst uit op een onopvallende plek. Gebruik zo weinig mogelijk schoonmaak- en oplosmiddelen. Vaak is het voldoende om op harde materialen flink te wrijven met een vochtig zeem- of microvezeldoekje. Op textiel, nooit wrijven maar deppen. Werk heel voorzichtig met producten op basis van ammoniak, chloor of white spirit. Adem deze stoffen niet in. Meng nooit twee producten (bijvoorbeeld chloor en ammoniak) door elkaar, er kunnen dan gevaarlijke gassen vrijkomen. Groene zeep, bruine zeep en zachte zeep zijn hetzelfde. Waterstofperoxide en zuurstofwater zijn hetzelfde. Magnetron en microgolfoven zijn hetzelfde. Oxaalzuur en ontweringswater zijn hetzelfde. Terpentine en white spirit zijn hetzelfde. Glycerine en glycerol zijn hetzelfde. Natriumbicarbonaat, maagzout, zuiveringszout en bicar zijn hetzelfde Brandspiritus, brandalcohol en methylalcohol zijn hetzelfde. Lege verpakkingen van schoonmaakproducten bevatten nog altijd resten. Ze horen thuis bij het ‘Klein Gevaarlijk Afval’. Als je zelf een vlekkenpasta maakt, kun je speksteenpoeder vervangen door magnesiapoeder, talkpoeder of maïszetmeel. Houd alle schoonmaakmiddelen buiten het bereik van kleine kinderen. Giet schoonmaakproducten nooit over in een andere verpakking. Antigifcentrum: 070/245.245